Lid aan het Woord: Marijke Huisman

Deze maand in onze jubileumrubriek Lid aan het Woord: Marijke Huisman (1972) uit Utrecht, universitair docent Public History, Education & Civic Engagement (Nederlands: Publieksgeschiedenis, Educatie & Burgerschap) bij het departement Geschiedenis en Kunstgeschiedenis (GKG) van de Universiteit Utrecht. Zij studeerde Geschiedenis aan dezelfde universiteit, met als specialisatie Vrouwenstudies (1990-1996). Sinds 2010 is zij KNHG-lid.

Foto: Ivar Pel

Waarom bent u lid geworden van het KNHG?
‘Het lidmaatschap hoort wat mij betreft bij het beroep. Ik was al langer historicus en actief in clubs als de Vereniging voor Vrouwen/Gendergeschiedenis (VVG), maar tijdens mijn promotietraject ging ik me realiseren dat ik echt verder wilde als historicus – als onderzoeker en docent. Toen heb ik me aangemeld bij de KNHG en ben ik zelfs abonnee van de papieren BMGN-LCHR geworden. Mijn financiële situatie was destijds zeer matig, maar je moet volgens mij geld over hebben voor het overeind houden van een infrastructuur van en voor geschiedenis in Nederland. Je kan niet verwachten dat alles gratis blijft draaien.’

Op welke manier verhouden KNHG en/of BMGN zich tot uw werkveld?
‘Dat is eigenlijk heel basic, ik ben historicus in Nederland of ruimer bezien de Lage Landen. Ik werk hier aan een universiteit, ga hier naar bibliotheken, archieven en musea – al dan niet online. Ik maak dus gebruik van de historische infrastructuur in mijn omgeving. Dat betekent natuurlijk niet dat ik enkel Nederlandstalige boeken, artikelen en bronnen lees, maar wel dat ik afhankelijk ben van de bronnen die Nederlandse instellingen voor mij toegankelijk maken.’

Wat was uw meest memorabele moment als KNHG-lid?
‘De eerste editie van de Historicidagen, in Utrecht in 2017. Ik was toen de projectsecretaris of -coördinator, de titel is nooit helemaal duidelijk geworden. Samen met het KNHG en historici van binnen en buiten Utrecht hebben we toen een format bedacht voor dagen die echt zouden kunnen fungeren als ontmoetingsplek voor mensen die in verschillende sectoren met geschiedenis bezig zijn – van musea en archieven tot de beleidswereld en universiteiten. Het kostte soms wel wat moeite om buiten de kaders van academische conferenties te denken, maar het was ongelooflijk om te zien hoe veel en verschillende inzenders reageerden op onze open geformuleerde ‘oproep’ – in plaats van ’call for papers’. Ik herinner me nog een mooie reactie van Arnoud-Jan Bijsterveld die de open sfeer prees. Volgens hem had dat deels te maken met de naamkaartjes die we hadden gemaakt, zonder academische titels. Of dat nu doordacht beleid was, denk ik eigenlijk niet. Maar het werkte wel. Mijn eigen netwerk is voor en tijdens die dagen enorm uitgebreid en dat geldt volgens mij voor meer mensen die erbij waren.’

Wat ziet u als de belangrijkste maatschappelijke taak van historici vandaag de dag?
‘Dat is nogal een grote vraag, ik weet ook niet of er slechts één belangrijkste taak ligt. Maar als ik die moet noemen, dan zoek ik het in wat in de geschiedenisdidactiek ‘multiperspectiviteit’ heet. Het oog (blijven) houden voor meer dan één perspectief in en op het verleden – in het algemeen en zeker in relatie tot gevoelige kwesties als slavernij. Ik zie een enorme polarisatie tussen mensen en groepen die hun eigen kijk op de wereld in heden en verleden als begin- en eindpunt zien. Maar de zaken liggen zelden zwart-wit, om het maar even zo te zeggen. Ik ben daarom blij met de nadruk op ‘meerstemmigheid’ in de nieuwe Canon. Historici kunnen helpen tunnelvisies open te breken door meer en andere perspectieven op dezelfde kwestie in te brengen. En misschien moeten we het ook eens wat meer over waarden hebben. In mijn optiek wordt er in gevoelige debatten te veel gepraat over hoe de dingen zouden ‘zijn’, wat ‘de’ – al dan niet verzwegen – ‘waarheid’ over bijvoorbeeld het Nederlandse slavernijverleden is. Daar valt natuurlijk wel wat over te zeggen, maar de discussie gaat volgens mij niet om waarheid – in de zin van betrouwbare historische kennis. De gevoeligheden liggen op het terrein van de duiding en waardering van al die kennis, welke bronnen en visies wel of niet meetellen in publieksvormen van geschiedenis – zoals lesboeken.’

Wat voor rol zou het KNHG volgens u moeten spelen in de samenleving in het algemeen en het geschiedenisveld in het bijzonder?
‘Doorgaan op de ingeslagen weg om alle soorten historici met elkaar te verbinden, dus die van binnen en buiten de universiteiten om de uitwisseling van kennis nog beter te bevorderen. En dan bedoel ik dus niet enkel van de universiteit naar ‘de samenleving’, maar ook andersom. Het brede publiek is niet louter de ‘doelgroep’ voor de kennis die professionele historici in meer of minder populaire genres hebben te delen; dat publiek heeft zelf ook kennis en zorgen die voor ons als historici van belang zijn. Ik vind het ook goed dat KNHG actief bezig is jonge historici bij de organisatie en de historische sector te betrekken, maar denk dat het wel belangrijk is om de kloof tussen ‘jong’ en ‘middelbaar’ of ‘oud’ dan wel ‘gevestigd’ niet weer zelf te reproduceren. Niet te veel segregatie.’

Wat zou u studenten geschiedenis en pas-afgestudeerde historici willen meegeven, zo aan het begin van hun professionele leven?
‘Dit sluit eigenlijk aan bij mijn vorige punt. Verstop jezelf niet in een speciale enclave voor jonge historici en dan afwachten totdat de ‘gevestigde orde’ je binnenhaalt. Dat zal nooit gebeuren als je niet zelf eerst zorgt dat je opvalt. Gedraag je dus niet als een consument-student en zorg dat je wat zegt tijdens colleges, besteed aandacht aan je werkstukken, kijk eens of je een geslaagde paper of scriptie kan bewerken tot artikel voor een (studenten)tijdschrift, laat docenten weten wat je wilt en ga eens naar een congres of bijeenkomst die niet speciaal voor jonge historici is – eventueel samen met studiegenoten of een docent.’

Wat wenst u het KNHG toe voor de komende 25 jaar?
‘Misschien weer eens een live bijeenkomst? Hopelijk kunnen de Historicidagen van 2021 t/m 2045 in levenden lijve blijven doorgaan!’

2 opmerkingen for Lid aan het Woord: Marijke Huisman

© KNHG 2020 Website: Code Clear