Studiemiddag ‘Stad tussen projectontwikkelaar en projectgroep’

22 do
Datum
22 februari 2018
Vanaf
13:00
tot
16:30
Periode
19e eeuw
20e eeuw
Adres

Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Smallepad 5, 3811 MG Amersfoort

Op donderdag 22 februari 2018 organiseert de Werkgroep Stedengeschiedenis een studiemiddag onder de titel ‘Stad tussen projectontwikkelaar en projectgroep’. De studiemiddag wordt gehouden bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Smallepad 5, 3811 MG Amersfoort (Kinderdijkzaal). De studiemiddag is gratis voor eenieder toegankelijk; wel graag aanmelden via jan@jvdn.nl o.v.v. ‘projectontwikkelaar en projectgroep’.

Voorzitter: Dr. Clé Lesger

Programma

13:00-13:30: Drs. Rens Smid (projectontwikkelaar Anedra, Lieshout): ‘Stadsuitbreiding en volkswoningbouw in private handen. Amsterdam 1877-1940’

13:30-14:00: discussie

14:00-14:30: dr. Tim Verlaan (universitair docent Stadsgeschiedenis, Universiteit van Amsterdam): ‘De machers van het moderne Nederland’

14:30-15:00: discussie

Pauze

15:30-16:00: Dr. Herman de Liagre Böhl (historicus): ‘Steden in de steigers, Stadsvernieuwing in Nederland 1970-1990’

16:00-16:30 discussie

—————-

Rens Smid, Stadsuitbreiding en volkswoningbouw in private handen

Sinds het einde van de negentiende eeuw is volkshuisvesting een politiek en maatschappelijk beladen thema. Fatsoenlijk wonen, is immers een eerste levensbehoefte. De rol van de Amsterdamse woningcorporaties en van het gemeentelijk woningbedrijf is uitvoerig beschreven, waardoor de indruk kan ontstaan dat “het Mekka van de volkshuisvesting” vrijwel uitsluitend door toedoen van corporaties tot stand kwam. Niets is minder waar. Tussen 1877 en 1940 werden in Amsterdam 134.731 (volks-)woningen gebouwd. Bij driekwart van die woningen was de opdrachtgever een projectontwikkelaar.

Over projectontwikkelaars bestaan veel misverstanden. Zo zouden ze destijds ongestoord hun gang zijn gegaan: vandaar die smalle straten in de Pijp, die dunne muren en plafonds. Maar lang voor het plan-Kalff (1877) en de Woningwet (1901), had de gemeente al een ‘Algemeene Politieverordening met voorschriften voor Bouwen en sloopen’. De gemeente bemoeide zich in de loop van de tijd steeds intensiever met de plannen van ontwikkelaars.

Met de uitgebreide bouwverordening, de Schoonheidscommissie en het leningen- en garantiestelsel voor projectontwikkelaars kreeg de gemeente in de jaren twintig niet alleen steeds meer greep op de functionele en esthetische kwaliteit van de nieuwbouw, maar ook op de bedrijfsvoering van ontwikkelaars. In de jaren twintig deden raadsleden voorstellen voor een gemeentelijk bouwbedrijf, een gemeentelijke hypotheekbank en meer grip op de uitbreiding van de stad. Maar de wethouders Wibaut en De Miranda weerstonden die roep. Sterker nog: met name De Miranda gaf voortdurend aan dat projectontwikkelaars, samen met de gemeente en de woningcorporaties, de woningnood moesten en konden terugdringen. Kortom: van een bestuurlijk vacuüm waarin projectontwikkelaars ongecontroleerd hun gang konden gaan, was geen sprake.

informatie: Jan van den Noort 06-4970 6455 –jan@jvdn.nl, www.stedengeschiedenis.nl.

© KNHG 2018 Website: Code Clear