‘In tijden van intelligente lockdown’ – #11. Iris van der Knaap

In ons doorgeefblog ‘In tijden van intelligente lockdown’ reflecteren KNHG-leden op de gevolgen van de coronacrisis voor hun dagelijkse werkpraktijk en/of belichten zij de huidige situatie vanuit hun specifieke historische expertise. Vorige keer schreef Connie van Gils een bijdrage. In aflevering 11 is het woord aan Iris van der Knaap, vakspecialist Geschiedenis 1500 tot heden bij de Universiteitsbibliotheek Utrecht.

Donderdagmiddag 12 maart 2020. Met diverse collega’s kijk ik op Drift 27, in het kantoor van de Universiteitsbibliotheek Binnenstad Utrecht, naar de persconferentie over de corona-uitbraak. Met ongeloof horen we de premier aan. Moeten we allemaal thuis gaan werken? Worden alle evenementen met meer dan 100 bezoekers afgelast? Die middag was mijn leidinggevende langs alle collega’s gegaan met het verzoek om laptops en andere essentiële kantoorartikelen mee te nemen naar huis. Toch dringt het nog niet volledig tot me door. Om 17.00 uur, als ik naar huis ga, maak ik de grap ‘nou, tot over drie weken dan maar’, met het idee dat dit vast overdreven is.

Maandag 16 maart zet ik thuis rond 8.00 uur mijn laptop aan. Ik lees de mails die zijn binnengekomen en zie een agenda-verzoek voor een ‘Academic Services online meeting: Q&A about Corona’ om 12.30 uur. Academic Services (AS) is de afdeling waar ik deel van ben binnen de Universiteitsbibliotheek Utrecht. Het is een videoafspraak, met een programma genaamd ‘Zoom’. Nog nooit van gehoord. Die middag zie ik vrijwel al mijn collega’s van AS voor het eerst via een Zoom-videocall.

Onze leidinggevenden laten ons weten dat we de komende tijd thuis gaan werken. Hoe lang, dat is nog onduidelijk, maar we volgen de berichten vanuit het College van Bestuur (CvB). Zij volgen weer de richtlijnen vanuit het RIVM. Om met elkaar in contact te blijven, is besloten drie keer per week een (almost) daily AS-meeting te houden. Ik ben heel blij met dit initiatief en om op de eerste thuiswerkdag al meteen bijna alle collega’s van mijn afdeling te zien.

Tijdens de eerste weken gebeurt er veel. Vrijwel onmiddellijk wordt er een nieuwe dienstverlening opgezet, aangezien ook beide universiteitsbibliotheekgebouwen gesloten zijn. Hoe gaan we ervoor zorgen dat onderzoekers en studenten toch zo veel mogelijk toegang hebben tot de literatuur die ze nodig hebben? Een noodvoorziening wordt opgezet, waarin boeken per post naar leners kunnen worden opgestuurd. Wanneer mogelijk worden er e-books aangeschaft of wordt een document gedigitaliseerd. Veel uitgeverijen zetten tijdelijk collecties open, maar de toegang verschilt per uitgeverij, collectie en periode. Omdat het verwarring veroorzaakt onder studenten en onderzoekers, schrijven collega’s en ik een ‘stappenplan voor toegang tot literatuur tijdens de coronacrisis’ voor de studenten Geschiedenis.

Daarnaast start mijn afdeling in de eerste week van het thuiswerken meteen met het initiatief ‘Corona meets Taverne’. Dit is een interne werktitel voor een project waarin artikelen van onderzoekers die van nut kunnen zijn tijdens de coronacrisis open access beschikbaar worden gemaakt via de ‘You share, we take care’-regeling. Met een grote groep collega’s gaan we aan de slag en benaderen we onderzoekers vanuit alle vakgebieden met de vraag of ze hun werk open access beschikbaar willen stellen. Verder worden vele workshops, trainingen en instructies in een handomdraai omgezet naar een online training.

In de eerste maanden van thuiswerken beginnen collega’s hun mails met de vraag hoe het gaat, of jij en gezin gezond zijn en hoe het thuiswerken bevalt. In de eerste virtuele vergadering van de werkgroep Digital Humanities van de UKB, het nationale consortium van universiteitsbibliotheken en de Koninklijke Bibliotheek, staat de vraag hoe het met iedereen gaat bovenaan de agenda. Wanneer ik hoor dat een onderzoeker, waar ik al veel mee heb samengewerkt, en zijn gezin door corona zijn geveld, mail ik hem meteen en gaan er in een middag meerdere mails heen en weer waarin we onze ervaringen delen. Ik merk dat we emotioneel dichter bij elkaar komen, ook al zijn we geografisch verder van elkaar verwijderd.

Nu, eind juni, worden de maatregelen langzaamaan versoepeld. Tot mijn vreugde gaat op 25 mei de Universiteitsbibliotheek Utrecht Science Park gedeeltelijk weer open. Op 15 juni volgt de Universiteitsbibliotheek Binnenstad. Hiermee komen er enkele noodstudieplekken voor studenten vrij. De bibliotheek is een populaire studieplek, en ik ben heel blij dat deze dienst weer deels aangeboden wordt aan studenten die thuis geen goede plek hebben om te studeren. Vanaf juli zullen er ook enkele vergaderplekken beschikbaar komen in de universiteitsgebouwen. Details hierover worden binnenkort bekend. Alhoewel ik hiernaar uitkijk, vraag ik me af wat dit gaat betekenen. Wie bepaalt of een vergadering op locatie plaatsvindt of niet? Wie mag er wel, en wie niet, naar de bibliotheek komen? Hoe zal het thuiswerken vorm krijgen in de toekomst?

Als historicus leer je onder andere over de grote gebeurtenissen in de geschiedenis. Door mijn studie werd ik me meer bewust van de historische impact van de grote, invloedrijke gebeurtenissen in de tijd waarin ik leef: 9/11, de economische crisis van 2008, de Arabische Lente, de digitale revolutie en dan nu de coronacrisis. Ik weet zeker dat de historici van de toekomst boeken vol gaan schrijven met analyses en duidingen van deze tijd. Ik kan wel gissen naar de impact, maar onze vakgenoten van de toekomst gaan pas echt kunnen inzien (en er eindeloos over discussiëren) welke rol deze pandemie op onze wereld gaat hebben. Als historicus en bibliotheekmedewerker doe ik daarom de oproep om de historici van de toekomst een helpende hand te geven en bij te dragen aan de oproep van de Netwerk Digitaal Erfgoed voor het Corona-archief. Want zonder primaire bronnen, geen geschiedschrijving. Laten we beginnen met het archiveren van deze KNHG-blogs.

Ik geef het stokje door aan Simone Vermeeren, onderzoeker en journalist bij Univers.

© KNHG 2020 Website: Code Clear