‘In tijden van intelligente lockdown’ – #3. Margit van der Steen

In ons nieuwe doorgeefblog ‘In tijden van intelligente lockdown’ reflecteren KNHG-leden op de gevolgen van de coronacrisis voor hun dagelijkse werkpraktijk en/of belichten zij de huidige situatie vanuit hun specifieke historische expertise. Vorige week schreef Henk te Velde een bijdrage. In aflevering 3 is het woord aan Margit van der Steen, historicus en managing director van de Onderzoekschool Politieke Geschiedenis (KNAW Huygens ING). 

Hier hoef ik niet lang over na te denken. De tweet van de Leidse rector magnificus Carel Stolker om geld te doneren voor onderzoek naar het bestrijden van het coronavirus, zorgt ervoor dat ik direct een bedrag overmaak. Dat is niet alleen om de samenleving en de wetenschap te steunen, maar ook goedbegrepen eigenbelang. Want naast alle tijdelijke noodmaatregelen denk ik dat een nieuw vaccin uiteindelijk de beste en meest duurzame oplossing is in de strijd tegen COVID-19.

Ondertussen loopt mijn eigen onderzoek naar vrouwelijke pioniers in de Nederlandse politiek gewoon door. Ik doe dit vanuit mijn huis in een zonnige werkkamer waar alleen af en toe een kat over het toetsenbord loopt. Maar dat gaat niet op voor mijn werk als managing director van de Onderzoekschool Politieke Geschiedenis. De Onderzoekschool is een samenwerkingsverband waarin zo’n 350 politiek-historici participeren. Een kerntaak van de Onderzoekschool is het verzorgen van onderwijs voor research masters en promovendi verbonden aan alle Nederlandse en Vlaamse universiteiten. Dit is onderwijs op maat, zoals summer schools, cursussen, (internationale) research seminars en tutorials die in heel Nederland worden gegeven. Hier merken we de gevolgen van de crisis volop.

Onze laatste ´gewone´ onderwijsactiviteit vindt plaats op woensdag 11 maart in Antwerpen. Nadat op dinsdag 10 maart nog contact is geweest met de Belgische collega’s en om 16.00 uur de laatste berichten van het RIVM zijn gecheckt, kunnen we beslissen dat het research seminar militaire geschiedenis definitief door kan gaan. Wel roepen we woensdag de deelnemers op tot grote voorzichtigheid en het in acht nemen van de richtlijnen van het RIVM. Giechelig geven we elkaar een boks, in plaats van een hand. Gelukkig is de conferentiezaal zo groot dat we afstand tot elkaar kunnen houden. Op dat moment is er nog geen besef van de veel verdergaande maatregelen die al snel volgen.

Direct na het afkondigen van de intelligente lockdown en de sluiting van het Spinhuis in Amsterdam, de plek waar het bureau van de Onderzoekschool is gevestigd, gaan we vanuit huis noodscenario´s opstellen. Per onderwijsactiviteit bekijken wat nog wel kan, wat in gewijzigde vorm mogelijk is in de hoop dat in mei toch weer onderwijsbijeenkomsten plaats kunnen vinden. Ondanks enorme inzet van docenten en promovendi om alternatieven te vinden, moeten we toch activiteiten afblazen. Zo staat er een mooie tweedaagse conferentie gepland voor 23 en 24 april. Hier hebben we met een klein team maanden aan gewerkt. Een programma met dertig sprekers en gasten uit het buitenland. Promovendi zouden hun onderzoek in wording in kleine groepen bediscussiëren, we hadden mooie keynotes weten te strikken en een avondprogramma opgezet over de vraag hoe je onderzoek aantrekkelijk kunt presenteren voor een breed publiek. Helaas, het kan niet meer doorgaan. Op zijn best kunnen we in het najaar nog een deel van het programma aanbieden.

We horen dat de Amerikaanse hoogleraar Janet Polasky, die een masterclass in Leiden wil geven, niet meer naar Nederland kan reizen. Daarmee gaat er een streep door dit evenement. Skype-contact met collega’s in Rome en Parijs leert dat we andere internationale activiteiten eveneens moeten uitstellen. Naar Italië reizen is op dit moment niet aan de orde. Gelukkig is er ook onderwijs waarvoor een alternatief is gevonden. Zo experimenteren Peter van Dam en Jeroen van Zanten via Zoom met een alternatieve vorm om de cursus What’s political history door te laten gaan. Ondertussen plannen we het onderwijsaanbod voor het nieuwe academische jaar via Skype en Zoom.

Wat mij in deze omstandigheden helpt is het lezen van biografieën en egodocumenten. Hoe reageerden mensen eerder op het uitbreken van oorlog, de invoering van beperkende maatregelen of een economische crisis? Zo lees ik nu ooggetuigenverslagen over de gebeurtenissen in St. Petersburg in 1917. Terwijl ik zelf nog geen jaar geleden onbekommerd over de Nevski Prospekt liep, lees ik nu verhalen die Helen Rappaport verzamelde. Dat biedt tegenwicht en zet de zaken in perspectief. Het kan altijd nog erger. Wij hebben geen last van voedseltekorten en er is een stabiel functionerend bestuur. Count your blessings, denk ik als ik weer eens lees hoe gevaarlijk het kon zijn om in 1917 in St. Petersburg ´s avonds over straat te lopen.

Geregeld moet ik ook denken aan die jonge Nederlandse sociaaldemocraten zoals Jan Tinbergen, Hilda Verwey-Jonker en Hein Vos. In de jaren dertig van de twintigste eeuw worden deze jonge mensen geconfronteerd met een economische crisis, terwijl tegelijkertijd het fascisme oprukt. Het stimuleert hun oude ideeën over politiek en de inrichting van de samenleving ter discussie te stellen. Daarbij benadrukken zij het belang van wetenschap om een uitweg te vinden uit de malaise. Mede dankzij hun inzet komt een wetenschappelijk bureau tot stand en een veelomvattend plan voor de samenleving, het Plan van de Arbeid. Daarbij hebben deze sociaaldemocraten nadrukkelijk oog voor nieuwe wetenschapsgebieden zoals economie en sociologie. Ze omarmen een revolutionair voorstel van Keynes: niet bezuinigen ten tijde van crisis, maar investeren in de economie. Dat idee laat zien dat je op basis van wetenschappelijke inzichten een nieuwe manier kunt vinden om een economisch probleem op te lossen, een oplossing die je eerder nooit voor mogelijk had gehouden. Dat is hoopgevend.

Ook nu horen we dat onze regering zich beroept op de wetenschap. De wetenschap is leidend voor het huidige coronabeleid en de status van het RIVM staat nauwelijks meer ter discussie. Dit wordt letterlijk zichtbaar tijdens televisieoptredens waar de directeur van het RIVM naast Mark Rutte staat. Dat was kort geleden nog wel anders. Wie herinnert zich nog de boze boeren, enkele maanden geleden, die de stikstofberekeningen van het RIVM terzijde legden om met alternatieve cijfers te komen? Ze doen er nu het zwijgen toe. Of de controverses rond het inenten tegen baarmoederhalskanker. Bezorgde ouders verspreidden geruchten op internet die door veel meisjes serieuzer werden genomen dan de roep van medici. Hierdoor zijn grote aantallen meisjes niet ingeënt. Dat wetenschap er weer toe doet en aanzien heeft, is een lichtpunt en wordt hopelijk niet vergeten wanneer de discussie over het klimaatbeleid gevoerd wordt.

Niet voor niets trof mij de oproep van de rector magnificus. Waar de jonge sociaaldemocraten in de jaren dertig met eigen initiatieven kwamen, zo doet de rector magnificus dat nu ook omdat er veel geld nodig is en geen tijd om reguliere tijd- en energieverslindende procedures af te wachten om onderzoekers aan het werk te zetten. Dat zijn oproep zoveel gehoor vindt, is bemoedigend. Terwijl ik dit schrijf staat de teller op 685.179 euro.

Ik geef het stokje door aan Naomi Woltring, promovenda aan de Universiteit Utrecht.

Één opmerking for ‘In tijden van intelligente lockdown’ – #3. Margit van der Steen

  • Dank je wel, Margit, voor het historisch perspectief dat je biedt en de blik, die je in jouw werk geeft. Laten we inderdaad uit deze tijd leren wat ons kan opbouwen voor de (middel)lange termijn: investeren in relaties, in de natuur, in duurzaam leven, in een opbouwende houding naar ideeën van anderen inplaats van bevestiging zoeken van het eigen gelijk en in een open houding om het onbekende tegemoet te treden.

© KNHG 2020 Website: Code Clear